De meest gebruikte norm voor het beoordelen van trillingen op constructies, met richtwaarden per gebouwtype.
Wat regelt de norm?
De Duitse norm DIN 4150-3 is in de Lage Landen de de-facto referentie om te beoordelen of trillingen schade kunnen veroorzaken aan bouwwerken. Ze definieert richtwaarden voor de piek-deeltjessnelheid (PPV, in mm/s) gemeten aan de fundering en op de bovenste verdieping.
Onderscheid per gebouwtype
De norm hanteert lagere richtwaarden voor gevoelige en historische gebouwen dan voor robuuste industriële constructies. Ook de frequentie van de trilling speelt mee: bij lagere frequenties gelden strengere grenzen.
- Categorie 1: industriële en robuuste gebouwen (hoogste richtwaarden)
- Categorie 2: gewone woongebouwen
- Categorie 3: gevoelige en monumentale gebouwen (laagste richtwaarden)
Belang voor monitoring
Door trillingen continu te meten en aan de DIN 4150-richtwaarden te toetsen, kan tijdig worden ingegrepen voordat schade optreedt. De norm vervangt echter geen plaatsbeschrijving: beide samen geven het sterkste dossier.